Spermadonatie

Spermadonatie kan voor wensouders een mogelijkheid zijn om hun kinderwens te realiseren.

Een kind krijgen met hulp van een spermadonor betekent dat het kind biologische familie heeft buiten het eigen gezin. En dat in twee-ouder gezinnen één van de ouders geen bloedband heeft met het kind en de andere wel. 

Wat is spermadonatie?

Spermadonatie is een vorm van donorconceptie. Een spermadonor doneert zijn sperma met als doel wensouders te helpen bij het realiseren van hun kinderwens.

Een behandeling met donorsperma wordt gebruikt in man-vrouw relaties als de man niet vruchtbaar is of drager van een erfelijke aandoening. En in situaties waar er geen mannelijke partner is zoals in vrouw-vrouw relaties of bij alleenstaande vrouwen. Met hulp van een spermadonor kunnen zij toch kinderen krijgen.

Voor behandeling met donorsperma zijn er twee mogelijkheden:

Spermadonatie via een spermabank

Bij een spermabank wordt sperma van donoren verzameld, ingevroren en bewaard. Het donorsperma wordt gebruikt voor wensouders die zonder hulp van een spermadonor geen kinderen kunnen krijgen.

De donor en de wensouder(s) hebben geen contact met elkaar en kennen elkaars identiteit niet. De wensmoeder wordt in een ziekenhuis of kliniek geïnsemineerd met het donorsperma.

Regels over het beheren en verstrekken van informatie over de donor staan in de Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting. Kinderen die geboren worden uit het gedoneerde sperma mogen, als zij 16 jaar of ouder zijn, weten wie de donor is. Als donor en kind dat allebei willen, kunnen zij contact hebben of elkaar een keer ontmoeten.

Spermadonatie met een bekende donor

De donor en de wensouder(s) kennen elkaar en maken zelf afspraken over de behandeling en over het contact tussen donor en donorkind. De afspraken die wensouder(s) en donor met elkaar maken, leggen zij vast in een donorcontract. Het kind kan van jongs af aan weten wie de donor is en hem leren kennen. Ouder(s) en donor kunnen ook andere afspraken maken over meer of minder betrokkenheid.

De inseminatie kan zelf thuis gedaan worden (zelfinseminatie of thuisinseminatie), of in een ziekenhuis of kliniek.

Geschiedenis van spermadonatie

Donorconceptie bestaat al heel lang. De eerste behandeling met donorsperma in Nederland was rond 1948. Er is veel veranderd sinds die eerste behandeling:

  • vroeger waren donoren anoniem, nu kunnen kinderen wel de identiteit van hun donorvader kennen
  • vroeger adviseerden de behandelaars geheimhouding naar kinderen, nu openheid
  • vroeger werden alleen mensen in een man/vrouw relatie behandeld, nu ook vrouwen in een vrouw/vrouw relatie en alleenstaande vrouwen

Geheimhouding en alsnog vertellen

In de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw werd een behandeling met donorsperma gezien als overspel: een andere man dan de echtgenoot was betrokken bij het krijgen van kinderen. Zou de echtgenoot zich wel vader voelen als hij dat biologisch niet was? En hoe zou de omgeving oordelen?

Spermadonatie werd in die tijd alleen gebruikt voor mensen in een man/vrouw relatie. Aan hun gezin was niet te zien dat zij hulp hadden gehad van een spermadonor. Artsen adviseerden om de behandeling met donorsperma geheim te houden, ook voor het kind. 

Geheimen kunnen schadelijk zijn voor de liefdesband in de ouder-kind relatie. De angst dat het geheim ontdekt wordt kan zorgen voor spanningen in een relatie. Goed om te weten: het is nooit te laat om (inmiddels volwassen) kinderen alsnog over hun ontstaansgeschiedenis te vertellen. Dat vraag wel om moed en om een goede voorbereiding.

Praten over donorconceptie

Vanaf de jaren tachtig gaan ook vrouwen in een vrouw/vrouw relatie en alleenstaande vrouwen gebruik maken van spermadonatie. Als één of twee vrouwen met hun kinderen een gezin vormen, is voor iedereen duidelijk dat zij hulp hebben gehad van een spermadonor. Geheimhouding is bij hen geen optie. 

Maar ook zij vinden het vaak best lastig om met hun kind over de donor en de donorconceptie te praten.

Einde aan de anonimiteit van spermadonoren

In 1989 nemen de Verenigde Naties het Kinderrechtenverdrag aan. In artikel 7 van dat verdrag staat dat een kind het recht heeft te weten wie zijn ouders zijn. In artikel 8 staat dat de gegevens over zijn identiteit, waaronder ook familierelaties, bewaard moeten worden.

Voor regeringen uit veel landen betekent dit dat zij behandeling met sperma van een anonieme donor niet langer een goed idee vinden. In Nederland krijgen wensouders vanaf 1992 de keuze of zij een anonieme donor (A-loket) of een identificeerbare donor (B-loket) willen. 

Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting

In 2004 wordt de Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting van kracht. Anoniem doneren van sperma (of eicellen) is niet langer toegestaan. Kinderen van wie de ouders hulp hebben gehad van een spermadonor, hebben het recht te weten wie de donor is. 

Vanaf hun 12e jaar kunnen kinderen informatie over de donor opvragen, zonder dat zij te horen krijgen wie hij is. Vanaf hun 16e jaar kunnen zij ook de identiteitsgegevens van de donor krijgen. 

De Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting is alleen van toepassing als een donor van de spermabank gebruikt wordt. Wensouders met een bekende donor, maken zelf afspraken en leggen deze vast in een donorcontract.

Hoe word ik spermadonor?

Gezonde mannen die tussen de 18 en 45 jaar oud zijn, kunnen spermadonor worden. Maar niet iedereen is geschikt. Daarom worden mannen eerst medisch en psychologisch onderzocht. De kwaliteit van hun sperma moet goed zijn en er mogen geen erfelijke ziektes zijn in de familie.

Een man kan spermadonor worden bij één van de spermabanken in Nederland. Hij kan ook donor worden voor iemand die hij persoonlijk kent: het initiatief kan bij de man zelf liggen of hij kan gevraagd worden door een wensouder. 

In alle gevallen is besluiten om spermadonor te worden niet iets wat je ‘zomaar’ doet. Er zullen kinderen geboren worden die in de toekomst misschien willen weten wie je bent, of contact willen.

Hoe vind ik een zaaddonor?

Wensouders die hulp van een zaaddonor nodig hebben om hun kinderwens te kunnen realiseren, hebben twee mogelijkheden: gebruik maken van een spermabank of zelf iemand zoeken/vragen om donor te zijn

De vraag naar donorsperma is groter dan het aanbod. Daarom hebben de spermabanken in Nederland wachtlijsten. Het is ook mogelijk om sperma in het buitenland te kopen en daar in Nederland mee geïnsemineerd te worden.

Waar kan ik terecht?

Er zijn in Nederland 8 klinieken met een eigen spermabank. Wensouders die zelf een spermadonor meenemen of donorsperma in het buitenland kopen, kunnen ook terecht bij andere fertiliteitsklinieken.

Vergoeding KID behandeling

Voor de vergoeding van een KID-behandeling (Kunstmatige Inseminatie met Donorsperma) wordt onderscheid gemaakt tussen de behandeling van de wensmoeder en het benodigde donorsperma.

Als er een medische indicatie is worden de kosten van de behandeling vergoed vanuit de ziektekostenverzekering. Als er geen medische indicatie is (bij vrouwen zonder (mannelijke) partner) worden de kosten vergoed vanuit de Subsidieregeling KID.

Alle kosten die te maken hebben met donorsperma komen voor eigen rekening.

FacebookTwitterInstagram